Definitie en Principes

Biologische landbouw wordt gedefinieerd als “een productie-systeem dat de gezondheid van bodem, ecosysteem en van mensen ten goede komt. Het gaat uit van ecologische pro-cessen, biodiversiteit en productiecycli aangepast aan de lokale omstandigheden in plaats van inputs te gebruiken met schadelijke gevolgen. Biologische landbouw combineert traditie, innovatie en wetenschap met respect voor het mi-lieu en bevordert eerlijke relaties en een goede levens-kwaliteit voor alle betrokkenen”.*

Om als biologisch erkend te worden, moet een product aan allerhande duidelijk omschreven voorwaarden voldoen en strenge controles ondergaan. Geen enkel synthetisch product kan geduld worden. Het voer voor de dieren is vrij van antibiotica en ook ggo’s worden uit de hele keten geweerd** . Bijzondere aandacht gaat ook naar het welzijn van de dieren en het gebruik van additieven bij de verwerking wordt beperkt. In plaats van een beroep te doen op minerale mest en pesticiden, maakt de biologische landbouw gebruik van organische mest en biologische bestrijding van ziekten en ongedierte.

Meestal blijkt uit de aanwezigheid van een label op de verpakking dat een product als biologisch erkend is.
In België toont het Biogarantie®-label dat een product afkomstig is uit de biologische landbouw en verbouwd is volgens de lijst van vereisten opgesteld door het Bioforum, het platform van bioconsumenten en -producenten. Voor non-food (onderhoudsproducten e.d.) is dat het Ecogarantie®-label.

De vereisten voor de biologische landbouw, zowel nationaal als internationaal, werden doorgaans opgesteld door organisaties van het middenveld. De Europese Commissie heeft er een officiële versie van aangenomen, namelijk Richtlijn (CE) nr. 834/2007, die van kracht is sinds 1 januari 2009. 

*IFOAM - International Federation of Organic Agriculture Movements http://www.ifoam.org/about_ifoam/standards/pgs.html
** De Europese reglementering tolereert een miniem spoor van 0,9 % ggo’s, om producenten te sparen, die het slachtoffer zijn van een onvrijwillige besmetting door nabijgelegen ggo-velden. Consumentenorganisaties en milieuverenigingen vrezen echter dat die tolerantie een eerste stap is naar een verdere verspreiding en uitbreiding van teelten van ggo’s.